Vragen en antwoorden over verrekijkers
De lichtsterkte is gelijk aan het kwadraat van de uittredepupil. B.v. 4² = 16.
Deze wordt bepaald door de objectieflensdiameter te delen door de vergroting. Dus bij een 10 X 40 kijker is dit 40 ÷ 10 = 4 mm. De diameter van de uittredepupil is een belangrijk criterium bij de keuze van de geschikte kijker. Bij daglicht is de 2,5 mm grote uittredepupil van de 8 X 20 kijker ruimschoots voldoende. In de schemering is de oogpupil echter veel groter. Dan zou bijvoorbeeld een 7 X 42 kijker met zijn 6 mm grote uittredepupil zinvoller zijn. Dit geldt ook wanneer de kijker niet rustig voor het oog kan worden gehouden. De oogpupil kan dan makkelijker binnen de 6 mm grote uittredepupil van de kijker worden gehouden en men verliest het object niet zo snel uit het oog.
Het eerste getal, 10, duidt de vergroting aan. Men ziet een object in dit geval 10 maal groter of 10 maal dichterbij dan met het blote oog. Het tweede getal, 40, geeft de diameter aan van de intredepupil, dus van de objectieflens. Dit is de lens die naar het object gekeerd is. In dit geval dus 40 mm.
Hoofdzakelijk zetten ze de beelden rechtop. Zonder de prisma's zou je de beelden ondersteboven zien. Ook verkorten ze het lichtpad, zodat verrekijkers compact kunnen blijven.
Er bestaan twee types prisma's: porro- en dakkantprisma's.
'Eye relief' is de afstand tussen uw oog en het oculair wanneer het gehele beeldveld zichtbaar is. Over het algemeen wordt deze afstand kleiner naarmate de vergroting toeneemt. Een lange eye relief maakt het waarnemen comfortabeler, vooral voor mensen met een bril. Om met uw bril op het hele beeldveld te kunnen zien, heeft u een eye relief nodig van minstens 16 mm. Iets korter en het is alsof u door een sleutelgat kijkt.
Het schemergetal geeft de zichtsterkte van een kijker aan. Hoe hoger die is, des te beter zijn de details herkenbaar. Het schemergetal wordt als volgt berekend: de vierkantswortel uit (vergroting X intredepupil). Dus de vierkantswortel uit (40 X 10) = 20. Als we voor het waarnemen bij schemering bovendien de kijker 7 X 42 aanbevelen, dan is dat omdat ondanks het schemergetal van "slechts" 17,9 zijn 2 mm grotere uittredepupil het kijken makkelijker maakt.
Hiermee wordt bedoeld het gezichtsveld, dit is het gebied dat men in de kijker kan overzien, op een afstand van 1000 m. Met deze 10 X 40 kijker kan u dus op 1 km afstand een 110 meter breed waarnemingsveld overzien. Indien in graden aangeduid, b.v. 6,3°/1000 m, vermenigvuldigt u dit getal met 17,5 om het gezichtsveld in meters om te zetten.
|

